We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. Als je doorgaat met het gebruiken van de website, gaan we er vanuit dat ermee instemt.

OK
Olphaert den Otter | Kunstenaarsgesprek

Olphaert den Otter. Martial Arts en beeldende kunst.

Olphaert den Otter heeft een diepe interesse in het werken met tempera verftechnieken. Lang zocht hij naar een gedrag van zijn materiaal dat het pigment in een zo zuiver mogelijke vorm laat zien. Ook is Den Otter geboeid door de Japanse cultuur en tradities. Hij vergelijkt zijn schildertechniek met Kendo, een Japanse gevechtstechniek die hij beoefent. Hierbij is er maar één kans is om het goed te doen: je slaat raak of je slaat mis.
Zowel met schilderen als met Kendo moet hij volmaakt trefzeker zijn. In beide gevallen is het nodig dat hij zich een techniek eigen maakt waarmee intuïtief de volmaakte slag en de volmaakte verfstreek wordt gemaakt. Dat is voor Den Otter doendenken'

'Ik ben nog nooit in Japan geweest' zegt Olphaert den Otter (1955). Zijn belangstelling voor Japan komt voort uit het door hem beoefende Budo, de verzamelnaam voor Japanse vechtsporten. De relatie tussen 'martial arts' en het maken van beeldende kunst met behulp van tempera verftechniek moet hij uitleggen. 'Mijn discipline is Kendo' vertelt Den Otter over zijn sport. 'Kendo is 'de weg van het zwaard'. Omdat er bij het vechten met zwaarden makkelijk gewonden kunnen vallen, gebruiken we een bamboe stok in de vorm van het Japanse zwaard. Daarmee moeten we de tegenstander op het lichaam zien te treffen. Ook de klappen met een de stok kunnen flink hard aankomen, daarom dragen de beoefenaars van Kendo beschermende kleding. Beginnende sporters denken dat ze met zo'n stok flink moeten meppen, alsof je een paal in de grond slaat. Dat is niet zo, de stok is een instrument. De techniek van Kendo leert je dit instrument zo effectief mogelijk te gebruiken.
 
Ik ben na mijn vijftigste met Kendo begonnen. Dat was rijkelijk laat omdat Kendo een complexe sport is. Echter, het paste mij, alles viel op zijn plaats, met name mijn belangstelling voor Japan en Japanse tradities. Wat me erg aanspreekt is de levenshouding van de Samoerai. Ze hebben twee instrumenten: het ene is het zwaard en het andere is het penseel. Het penseel gebruiken ze om te schilderen en te kalligraferen. Voor hun is er geen onderscheid tussen het gebruiken van het zwaard of het penseel. Dat is voor mij het belangrijke van Kendo: er is geen verschil tussen hoe je een tegenstander 'vernietigt' of hoe je zelf vernietigd wordt; of hoe je boodschappen doet; of hoe je fietst en ook hoe je beeldende kunst maakt. Strikt genomen is alles hetzelfde. Je zou kunnen zeggen 'zen' maar dat doe ik niet. Zen is in het westen gecorrumpeerd en losgezongen van zijn oorspronkelijke bedoeling en betekenis'.

Ippon.
Het beoefenen van veel oosterse vechtsporten is niet zozeer gericht op het overwinnen van de tegenstander maar op het verbeteren van de beoefenaar zelf. Zo is het ook bij Kendo. Den Otter: 'Als je bij een wedstrijd in het Kendo op je tegenstander een 'ippon' - een punt - scoort en teruglopend naar je plaats een gebaar van triomf maakt, zoals het opsteken van je vuist, keurt de scheidsrechter het punt onmiddellijk af. Ook op het allerhoogste niveau van het Kendo gebeurt dit. Je moet geloven in de ippon maar zodra je het 'viert' als een overwinning op je tegenstander, is de ippon waardeloos. Het gaat er niet om dat je wint van je tegenstander maar dat je barrières slecht in jezelf. In Kendo moet je niet de beste willen zijn maar het beste willen doen.
 
Dat geldt helemaal voor mijn kunstenaarschap. Henk Oosterling, universitair docent filosofie aan de Erasmus Universiteit en Nederlands Kendo kampioen, schreef het boek 'Waar geen wil is, is een weg'*. Hierin heeft hij het over 'Doendenken': Dit is, zonder er over na te denken, alles wat je tot op dat moment geleerd hebt, op het juiste moment en op de juiste manier toepassen. Het gaat om leren en het intuïtief gebruiken van wat je geleerd hebt.
 
Mijn 'leren' als beeldend kunstenaar begon op de Rotterdamse Academie voor Beeldende Kunst, nu Willem de Kooning Academie. Ik deed er in 1981 eindexamen. Naast aanvankelijk wat grafiek maken, schilderde ik van af het begin en ben dat altijd blijven doen. Mijn opleiding viel in de 'hard core' conceptuele jaren. Je moest van goede huizen komen als je geen vierkant, wit schilderij wilde maken. Robert Mangold en Sol LeWitt waren de geldende rolmodellen. Ik kon me destijds - en nu nog steeds - niet goed aanpassen bij heersende stromingen. Van het eerste moment dat ik met schilderen begon, had ik een oneindige hoeveelheid vragen over het vak'.

Ei-tempera.
Al op de academie nam Den Otter een belangrijk besluit. 'Ik wilde niet meer met acrylverf gaan schilderen' vertelt hij hierover. 'Ik begon met het zelf maken van mijn verf. Aanvankelijk met weinig succes overigens. Ik wilde er niet zoveel over lezen en dacht dat door het te doen, het materiaal zichzelf wel aan mij zou openbaren. Dat gebeurde natuurlijk niet. Na een jaar experimenten kwam ik erachter dat ik bezig was om 'gewone' acrylverf te maken. Toch ging ik door met het zelf maken van verf en al doende leerde ik veel over de eigenschappen van pigmenten en bindmiddelen.
 
Ik zocht naar een bindmiddel dat er eigenlijk 'niet zou zijn'. Materiaal dat optisch verdwijnt zodat op een schilderij alleen het zuivere pigment, zonder de toevoegingen die het tot verf maken, te zien is. Een goed voorbeeld is het Pruisisch blauw dat ik als verf in een tube en in de vorm van pigment in een pot heb. De verf uit de tube heeft wat de kleur betreft, niet de intensiteit van het pigment in de pot. De toevoegingen aan de verf in de vorm van bindmiddelen, doen afbreuk aan de intensiteit van de kleur. Dat bracht me op het idee dat ik een visueel verdwijnend bindmiddel moest hebben. Dat bestaat natuurlijk niet en ik ging naar iets zoeken dat in de buurt kwam. Dat bleek ei-tempera te zijn: een emulsie op basis van ei, water, lijnolie en een conserveringsmiddel. Meer is het niet. Als ik met de verf schilder, glanst het minimaal. De verf zit niet onder een film van acryl of olie en kan ons de kleur in alle zuiverheid laten zien. De emulsie zorgt natuurlijk wel voor een beschermend laagje maar dat is vrijwel onzichtbaar. Vergelijk het maar met het eitje op de boterham. Gemorste druppels ei worden na verloop van tijd transparant en zo onzichtbaar".

Werk van Olpheart den Otter
11_aarde_15:1:2021
Werk van Olpheart den Otter
296 aarde 9:1:2020
Werk van Olpheart den Otter
3034_KL.
Werk van Olpheart den Otter
1_aarde_15:1:2021
Werk van Olpheart den Otter
296 aarde 9:1:2020
Werk van Olpheart den Otter
3034_KL.

Schoon.
Het gemak waarmee Den Otter vertelt dat ei-tempera voor hem het materiaal was dat zijn ideaal benaderde, doet geen recht aan zijn lange periode van onderzoek en experimenten. Bijvoorbeeld het tot een minimum terugbrengen van de glans van de diverse soorten olie waarmee hij experimenteerde. Den Otter: 'Het was Pieter Keune die me aanraadde om in plaats van de vettere standoliën, met lijnolie te gaan werken. Dat was een goed advies. De kans dat de verf zou verdonkeren, waar lijnolie bekend om is, was volgens Keune verwaarloosbaar. De hoeveelheid te verwerken lijnolie in de ei-tempera verf is daarvoor te gering.
 
Een ander probleem was dat door de verwerking van ei in de emulsie, deze gevoelig was voor bederf. Omdat ik last van schimmels had, vroeg ik een bevriend apotheker om advies. Hij raadde me aan om als conserveringsmiddel sorbinezuur te gebruiken. Het is een conserveringsmiddel dat vaak aan voedingsmiddelen wordt toegevoegd (het E-nummer van sorbinezuur is E200). De naam is afgeleid van de wetenschappelijke naam van de wilde lijsterbes: Sorbus aucuparia. De stof werd voor het eerst aangetroffen in de onrijpe bessen van deze heester. Ook adviseerde de apotheker mij bij het maken van de verf zo schoon mogelijk te werken. Altijd handschoenen en een mondkapje te dragen en tafels, glasplaten en gereedschap vooraf met spiritus te reinigen. Ook kook ik de potten waar ik de emulsie in bewaar, eerst goed uit. Het is belangrijk zo steriel mogelijk te werken. Zo bewaar ik pigmenten nooit in zakken maar in schone potten. De pigmenten zelf koop ik bij de bekende vakhandelaren. Ook krijg ik van collega kunstenaars materiaal. Ik heb inmiddels zo'n grote voorraad pigmenten dat ik die nooit van mijn leven op zal krijgen'.

Hedendaags
Voor Den Otter is er een belangrijk verschil tussen het werken met acryl of olieverf en de door hem zelf vervaardigde ei-tempera: 'Vroeger zou ik een kleur kiezen aan de hand van de kleur die op de tube staat. Nu weet ik hoe de verf zich gedraagt en of de verf dekkend, transparant en in welke mate transparant is. Ik kies de verf niet alleen vanwege de kleur maar ook op basis van zijn eigenschappen. Mijn 'palet' - ik heb geen palet maar werk met potjes - bestaat uit verf zonder en met wit. Met wit pigment kan ik de transparantie van de verf beïnvloeden.
 
Door op een klassieke manier zelf mijn verf te maken, stapte ik de middeleeuwen in. Natuurlijk wil ik zoals dat heet een 'hedendaagse' kunstenaar zijn. Dit is terug te vinden in mijn onderwerpskeuze. Ik werk vaak in grote series. Eén daarvan, de Stal- en Kluismorfologieserie met 127 werken werd in 2008 getoond in Museum Boijmans Van Beuningen. Een ander project is de serie schilderijen onder de naam 'World Stress Painting'. Het is een uitgebreide serie schilderijen die ik maakte naar aanleiding van krantenfoto's die de wereldwijde chaos en wanorde laten zien van conflicten en rampen. In 2014 heb ik de hele serie in boekvorm gepubliceerd*'.


 

De tempera verf, zoals Den Otter die gebruikt, is in eerste instantie niet watervast*. Den Otter: 'Als ik bijvoorbeeld een verfstreek zet en deze wil corrigeren, gaat het mis. Om met het schilderen succes te hebben moet je 'smetteloos' kunnen werken. Je krijgt maar één kans om het goed te doen. Ik zou dan volgens een vast omlijnd plan moeten gaan werken waarbij ik stap voor stap exact weet wat te doen. Dat wil ik niet, ik wil dat wat ik schilder als vanzelf uit mijn kwast vloeit. Zoals de regen op de straat valt, zo wil ik schilderen. Deze manier van werken vergelijk ik met Kendo. Ook daar is er maar één kans om het goed te doen: je slaat raak of je slaat mis. Zowel met schilderen als met Kendo moet ik volmaakt trefzeker zijn. In beide gevallen is het nodig dat je je de techniek eigen maakt waarmee je intuïtief de volmaakte slag en volmaakte verfstreek maakt. Dat is voor mij doendenken'.


*Den Otter geeft aan dat het hier om kort na het aanbrengen van de verfstreek gaat. Na enige tijd is de verf juist krankzinnig hard en volkomen onoplosbaar, met wat dan ook!

Klik op de afbeelding om deze groot te zien

Werk van Olpheart den Otter
3063_HB#2
Werk van Olpheart den Otter
31000_Toulouse
Werk van Olpheart den Otter
314 aarde 20:4:2021
Werk van Olpheart den Otter
Na de Catastrofe, 65cmx100cm
Werk van Olpheart den Otter
Necessary Angels of Earth
Werk van Olpheart den Otter
314 aarde 20:4:2021
www.olphaertdenotter.com
 
*World Stress Painting
Olphaert den Otter
Uitgever: Timmer Art Books
ISBN 978-94-91182-00-6

 

*Waar geen wil is, is een weg
Auteur: Henk Oosterling
ISBN13 9789089538802
paperback
464 pagina's
2016
 

Wat vind je van dit verhaal? Gebruik onderstaande knop om een beoordeling te geven.
Meer weten over beoordelingen?

terug

 

Dit interview verscheenin in kM (Bijgewerkt in 2021)
top naar kunstenaarsgesprek
Kunstenaarsgesprek
Postbus 18162
1001 ZB Amsterdam
 
© 2026
Op alle verhalen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met een intro.  Wil je tekst overnemen of een foto of illustratie gebruiken, stuur ons een mail.